|
Philips heeft de
verlichtingsindustrie, NGO’s, energieleveranciers en regeringen opgeroepen
om de handen ineen te slaan en het bespreekbaar te maken om gloeilampen
binnen tien jaar te vervangen door één van de vele energiezuinige lampen
die nu al beschikbaar zijn. Een succesvolle omschakeling zou ook een
belangrijke bijdrage leveren aan het probleem van klimaatverandering en
het realiseren van de Kyoto-doelstellingen dichterbij brengen, zo
redeneert de Eindhovense verlichtingfabrikant.
Cijfers tonen aan dat
er in de EU jaarlijks ongeveer 2 miljard gloeilampen verkocht worden.
Ongeveer driekwart hiervan wordt gekocht door consumenten; de rest wordt
verkocht op de zakelijke markt. Volgens Philips is een realistische
besparing op de energierekening van de Europese consument van EUR 5-8
miljard en een indirecte vermindering van de CO2-uitstoot van 20 miljoen
ton te realiseren.
“Vandaag de dag is er
al een breed gamma aan energiezuinige producten te koop” aldus Theo van
Deursen, CEO van de divisie Licht van Philips op een conferentie over
Energie-efficiëntie in Brussel. “Deze lampen besparen niet alleen energie,
maar zijn ook veel goedkoper in het gebruik en zijn eenvoudigweg beter
voor het milieu dan gloeilampen. Wij zijn van mening dat het tijd is om
over te schakelen op energiezuinige lampen door actief de vervanging van
gloeilampen te bevorderen.”
Er zijn momenteel al
de nodige alternatieven voor de gloeilamp op de markt. Onder andere een
nieuwe generatie van hoogwaardige spaarlampen – veel kleiner, minder duur
en met een betere lichtkwaliteit dan voorgaande generaties. Philips heeft
onlangs ook een nieuwe generatie Halogeen-spaarlampen geïntroduceerd, die
ten opzichte van de gloeilamp een energiebesparing van 50 procent
opleveren. Een ander veelbelovend alternatief voor nog meer
energiebesparing in de toekomst zijn de nieuwe
LED-verlichtingstechnologieën.
“Het is gewoon niet
realistisch om van producenten te verlangen om eenzijdig te besluiten te
stoppen met de productie van gloeilampen,” zegt Theo van Deursen “Dit
vraagt om een gezamenlijke aanpak en waarschijnlijk is er wetgeving nodig
om minimale prestatienormen te stellen. Anders springen andere producten
in het gat en los je het probleem nooit op”.
Philips verwacht niet
dat de omschakeling van vandaag op morgen gebeurt. “Het zal waarschijnlijk
nog een aantal jaren duren voor de industrie kan overgaan op
massaproductie van de alternatieven in de vereiste aantallen” zegt Theo
van Deursen. “Maar wij zijn van mening dat de inhoudelijke discussie nu
gevoerd moet worden”.
(8-12)
|