ABONNEMENT            LINKS           Vacatures              

Klik hier voor meer informatie over Inside Information

 

HOME

 

 

ARCHITECTUUR /

ontwerp

artikelen

productnieuws

bedrijven

 

 

NIEUWE

KANTOORVORMEN

artikelen

productnieuws

bedrijven

brochure service

 

 

MEUBILAIR

artikelen

productnieuws

bedrijven

brochure service

 

 

VERLICHTING

artikelen

productnieuws

bedrijven

 

 

VLOERBEDEKKING

artikelen

productnieuws

bedrijven

 

 

OVERIGE

ONDERWERPEN

artikelen

productnieuws

bedrijven

 

 

ADVERTEREN

 

 

CONTACT

 

 

 

 

 

 

 

Brink Licht

 

 

© Inside Information BV

Best viewed at 1024 x 768

 

ARCHITECTUUR

ontwerp

'De ergonomische wetenschap moet op de helling'

"'Balans' en 'controle' zijn de kernwoorden, die een ontwerper in acht moet nemen bij het ontwerpen van een stoel." Aan het woord is Peter Opsvik. Deze Noorse designer werkt al vanaf 1974 voor stoelenfabrikant HÅG. De samenwerking verloopt gesmeerd: "Onze visies sluiten perfect op elkaar aan."

 

Peter Opsvik propageert een visie op zitten, die door gevestigde ergonomen veelal met enig gemor begroet wordt. De sympathieke Noor schroomt dan ook niet om wat heilige ergonomische huisjes omver te schoppen: “We moeten zo langzamerhand maar eens af van de klassieke ergonomie”, stelt Opsvik. “De tijd is rijp voor een totale herbezinning op de ergonomische wetenschap. Te lang hebben ergonomen zitten als een statische bezigheid beschouwt. Ten onrechte. De homo sapiens is door de klassieke ergonomie omgevormd in een statische homo sedens, die op alle mogelijke manieren ondersteund wordt. Ik ga hier met mijn producten lijnrecht tegenin. Ik geef de homo sapiens zijn beweging terug.”

Onmenselijk
Opsvik legt uit waarom ‘balans’ en ‘controle’ voor hem zulke belangrijke termen zijn: “Met balans bedoel ik het voortdurend zoeken naar evenwicht. Een mens zit nooit helemaal stil en is voortdurend bezig met het controleren van zijn positie, zodanig dat hij in balans is. Door ontwerpers wordt dit nogal eens veronachtzaamd. Zij ontwerpen stoelen waarin de mens gefixeerd wordt en dus niet meer in staat is voortdurend zijn balans te zoeken. Deze statische stoelen zijn hierdoor letterlijk onmenselijk.” Opsvik denkt dat deze ‘statische ergonomie’ productiviteitsbelemmerend werkt: “We lijken zo langzamerhand het ritme van het leven kwijt te zijn. We zijn vergeten, dat bewegen een essentieel onderdeel is van het mens-zijn. Als we vrij kunnen bewegen, is ons leervermogen bijvoorbeeld veel groter. Waarom zou je dit vermogen moedwillig inperken? Daar is toch niemand bij gebaat?”

De visie van Opsvik is pretentieus. De Noor erkent dat: “Ik beschouw mezelf in de eerste plaats als industrieel ontwerper. In mijn optiek moet de industrial designer altijd proberen om het leven van mensen beter te maken. Idealiter moet de maatschappij op de korte en lange termijn profiteren van de inspanningen van mijn beroepsgroep. Dit is misschien een ambitieuze doelstelling, maar mijns inziens is deze insteek noodzakelijk. Ontwerpers die geen oog hebben voor de lange termijn-effecten van hun eigen ontwerpen, zullen nooit tot werkelijk succesvolle resultaten komen.” De heersende mode is daarom voor Opsvik niet werkelijk relevant: “Ik probeer de mode zoveel mogelijk te vermijden. Mode is namelijk een vluchtig verschijnsel. Wanneer je je als ontwerper laat beïnvloeden door de mode, is je ontwerp achterhaald op het moment dat het in productie genomen wordt.”

De HÅG Swing, een ontwerp van Peter Opsvik.

 

Beurs
Vreemd genoeg doen de stoelen van Opsvik juist heel ‘modisch’ aan. Wanneer ondergetekende wijst op de ‘Capisco-chair’ en het modieuze karakter van deze stoel aan de orde stelt, begint Opsvik te lachen. “Grappig dat je juist deze stoel noemt. Dit is een model, dat ik in 1984 ontwierp. De stoel is geïnspireerd op een paardenzadel en is al jaren een groot succes. Deze ‘zadelstoel’ wordt onder meer toegepast in het beursgebouw in Frankfurt. Het is een fantastisch gezicht om deze opmerkelijk vormgegeven stoel te zien functioneren in de toch vrij formele omgeving van een aandelenbeurs.”

Opsviks stoelen worden in tal van omgevingen toegepast, niet in de laatste plaats in kantoor- en conferentieruimten. Over het onderscheid tussen deze twee soorten ruimtes wil Opsvik nog wel iets zeggen: “Kantoorstoelen en conferentiestoelen verschillen nogal van elkaar”, aldus de Noor. “In de regel is het zo, dat de kantoorstoel wordt uitgerust met allerlei ergonomische gimmicks, terwijl de noodzaak van ergonomische oplossingen bij een conferentiestoel veronachtzaamd wordt. Dat is natuurlijk de omgekeerde wereld: wanneer een medewerker achter zijn beeldscherm zit, kan hij of zij namelijk op elk gewenst moment even opstaan om zich te bewegen. Juist in conferentieruimten is dit onmogelijk - je staat nu eenmaal niet op tijdens een lezing of een presentatie van je directeur. Het is mijn missie om deze ouderwetse hokjesgeest te overwinnen. In mijn optiek moet iedere werkplek ergonomisch verantwoord zijn, niet alleen de beeldschermwerkplek.”

Proefpersoon
Hiervoor is onder meer een meer empirische benadering nodig. Opsvik: “Stoelen worden in testlaboratoria getest op de ergonomische eigenschappen. Het valt mij vaak op, dat het zitgedrag van proefpersonen tijdens dergelijke tests heel anders is dan in de dagelijkse kantoorpraktijk. Tijdens de ergonomische tests is de proefpersoon zich heel goed bewust van het feit dat hij zit en dat hij ‘goed’ moet zitten. Op zijn kantoor zit dezelfde persoon heel anders; hij zit, leunt achterover, noteert wat, staat even op en is in het geheel niet bezig met zijn al dan niet correcte houding. De ergonomische wetenschap moet hier meer oog voor hebben. Een groot deel van de fabrikanten ontwerpt momenteel namelijk stoelen, die in testsessies goed uit de verf komen, maar die totaal ongeschikt zijn voor de dagelijkse praktijk.”

Naast de ergonomische eigenschappen is ook de esthetische waarde van een ontwerp van belang. Opsvik erkent dit. Toch geeft hij aan hier niet zijn eerste prioriteit te leggen. “Ik probeer me als ontwerper altijd te verplaatsen in de gebruiker van een stoel. De ergonomische kwaliteit is als het ware het fundament waarop een ontwerp moet rusten. Vervolgens besteed ik natuurlijk ook aandacht aan de esthetiek van een ontwerp, maar dit is niet het eerste uitgangspunt.” Maar een stoel moet toch mooi zijn? “Het is nog belangrijker dat de stoel optimaal functioneert. Soms bijten ergonomie en esthetiek elkaar. Als ontwerper moet ik in dergelijke gevallen keuzes maken en ik kies dan dus voor ergonomie. Overigens is het natuurlijk niet zo dat ergonomisch verantwoord meubilair per definitie niet mooi zou zijn. Integendeel. Ik heb voor HÅG en andere bedrijven tal van stoelen ontworpen die niet alleen ergonomisch verantwoord zijn, maar ook nog eens worden gekenmerkt door een opmerkelijk uiterlijk.”

Behalve voor HÅG, ontwerpt Opsvik ook voor andere bedrijven, waaronder bijvoorbeeld Stokke. Hier de Actulum en de wereldberoemde Tripp Trapp.

 

Kind
HÅG sleepte tijdens de laatste Neocon-beurs in Chicago de prijs voor Most Innovative Product in de wacht voor de nieuwe door Peter Opsvik ontworpen bezoekers- en conferentiestoel ‘HÅG H05 Communication’. Ook een ander recent ontwerp van Opsvik trekt de nodige aandacht, zoals bleek tijdens de afgelopen Orgatec. De zogenaamde ‘Swing’ is een ‘hangstoel’, die nog het meest doet denken aan een kinderschommel. “Mooie stoel, niet?”, vraagt een lachende Opsvik. “Dit is een stoel, die het kind in ons doet herleven.” Dan serieuzer: “Natuurlijk realiseer ik me, dat deze stoel waarschijnlijk niet in grote getale zal gaan worden toegepast in het kantoor. Daarvoor is het ontwerp simpelweg te afwijkend. Toch zie ik ook voor deze stoel een goede toekomst weggelegd. Niet alleen omdat de Swing erg prettig zit en elke beweging van het menselijk lichaam volgt, maar ook omdat het ontwerp uiterst milieuvriendelijk is. Zo wordt bij de stoffering gebruik gemaakt van volledig recyclebare stoffen.”

Waar haalt Opsvik eigenlijk de inspiratie vandaan om zulke stoelen te ontwerpen? “Ik heb een aantal voorbeelden. De ontwerper Victor Papaneck is bijvoorbeeld een grote inspiratiebron. Dat is een man, die vele jaren geleden al wees op het belang van duurzaamheid. Een bekende uitspraak van hem is, dat industrieel ontwerpers de grootste milieuvervuilers ter wereld zijn. Hij probeerde daar in zijn ontwerpen stelling tegen te nemen en datzelfde probeer ik ook te doen.” Daarnaast haalt Opsvik inspiratie uit zijn eigen dagelijkse leven: “Ontwerpen is een vorm van expressie. Misschien niet zo’n grenzeloze vorm van expressie als in de kunst, maar niettemin kan de ontwerper een deel van zijn eigen opvattingen en gevoelens kwijt in een ontwerp. Overigens altijd in dienst van de gebruiker van een ontwerp. Het egoïsme van de kunstenaar is voor de industrieel ontwerper een brug te ver.” 



Henk-Jan Hoekjen

 

Nadere informatie? Vul code i016 (editie 1 - 2003) in via onze responsservice

 

 

terug naar architectuur-ontwerp

 

home

Abonnement? Klik op het logo.

Abonneren op Inside Information

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Klik hier voor de uitgebreide agenda.

Hier kunt u boeken van het boekenbal bestellen.

Aanmelden voor de FD Award

 

 

 COLUMNS

 NEW FILE

 INTERNET

 

 

 

Wini Kantoordesign

 

 

U kunt hier gratis en eenvoudig brochures aanvragen van fabrikanten van kantoormeubilair.

 

 

Plantenwacht Interieurbeplanting B.V.

 

 

Luxo Nederland B.V.

 

 

Waldmann Lichttechnik

 

 

Osram banner