|
Frederiks & Van der Nat speelt
zich in de kijker
'Functionaliteit is essentieel'
Frederiks & Van der
Nat Interieurarchitecten in Delft timmert de laatste jaren stevig aan de
weg. Het bureau van Koos Frederiks en Niels van der Nat werd enige jaren
geleden bijvoorbeeld genomineerd in het kader van een prijsvraag voor de
‘mooiste toiletruimte’. Ook ontwierpen de beide Delftenaren een horloge,
dat momenteel deel uitmaakt van de collectie van het Victoria and Albert
Museum in Londen. Tenslotte gooide het bureau hoge ogen bij de laatste
editie van de internationale ‘Office of the Year-Award’. Reden genoeg voor
een gesprek.
Naam: Koos Frederiks; Niels van der Nat
Geboortejaar: 1964
Bijzonderheden: Koos Frederiks en Niels van der Nat
studeerden aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten te Den Haag.
In 1994 richtten zij het bureau Frederiks & Van der Nat
Interieurarchitecten op. De beide Delftse interieurarchitecten werden in
de loop der jaren genomineerd in het kader van de prijsvragen Kamer 100
(mooiste toiletruimte), Mondaine Items Prijsvraag (horloge DutCH) en
Office of the Year (beste kantoorruimte). Hun verlichtingsarmatuur
‘Paperlight’ is opgenomen in de collectie van het Victoria and Albert
Museum in Londen.
Projecten (selectie): Ron de Hoog, Maassluis (2000);
Connekt, Delft (2000; DutCH (horloge) (2001); Kooyman Assurantiën,
Papendrecht (2004); diverse crematoria.
Ons land geniet, mede dankzij het ook in
het buitenland veelbesproken Interpolis-project, een goede naam op het
gebied van kantoorinnovatie. Helemaal verrassend was het dus niet, dat
tijdens de laatste editie van de prijsvraag ‘Office of the Year’,
uitgeschreven door de Europese brancheorganisatie van
kantoormeubelfabrikanten Fédération Européene du Mobilier de Bureau (FEMB),
een Nederlands kantoorontwerp meedong naar de prijzen. Uiteindelijk werd
het ontwerp voor het kantoor van Kooyman Assurantiën in Papendrecht,
ontworpen door Frederiks & Van der Nat Interieurarchitecten, bekroond met
de derde prijs.
“Het was nogal opmerkelijk dat we voor dit
project een prijs ontvingen van een brancheorganisatie op het gebied van
kantoormeubels”, zegt Niels van der Nat, één van de twee eigenaars van het
in 1994 opgerichte bureau voor interieurarchitectuur. “In het project zijn
namelijk nauwelijks handelsmeubels toegepast.”

Koos Frederiks en Niels van der Nat: "We zijn
altijd gericht op het creëren van ruimtelijkheid."
Ruimtelijkheid
Het Papendrechtse project vormt volgens
Niels van der Nat en zijn compagnon Koos Frederiks een prima voorbeeld van
de wijze waarop zij doorgaans te werk gaan. De beperkt beschikbare ruimte
(60 vierkante meter) is door een aantal slimme ontwerpkeuzes veranderd in
een multifunctionele kantoorruimte, die niettemin een rustig beeld
uitstraalt. “We zijn altijd gericht op het creëren van ruimtelijkheid”,
zegt Koos Frederiks over de werkwijze. “Dit in tegenstelling tot de meeste
architecten die zich bezighouden met interieurkwesties. Als het
Vitra-assortiment er niet was, zouden de meeste architecten een probleem
hebben. Architecten kiezen vaak voor een aantal ‘Eames’-stoelen en menen
dat het interieur daarmee af is. Maar bij het vormgeven van ruimtelijkheid
en sfeer gaat het om veel meer dan het plaatsen van een paar stoelen.”
“Onze oplossingen zijn locatiespecifiek”,
vult Van der Nat zijn collega aan. “Wij zoeken naar de factoren die de
architectuur en het interieur versterken. Je zoekt als interieurarchitect
altijd naar de factoren die aansluiten bij de identiteit van de
opdrachtgever. Dat is overigens heel veel puzzelwerk; vaak word je
gedwongen zelf inrichtingselementen te ontwerpen.”
Bij het project voor Kooyman Assurantiën
ontwierpen Frederiks en Van der Nat een bank die ‘uit de muur golft’. Deze
bank is het verbindende element van het ontwerp, dat in de drie gevormde
ruimtes (elk 20 vierkante meter) terugkomt. “Daarnaast zorgt de bank voor
een rustig interieurbeeld”, aldus Van der Nat. “Dankzij deze ontwerpkeuze
hoefden we veel minder stoelen in de ruimte te plaatsen. Toch is de
vergaderruimte te gebruiken door achttien mensen.”
Bouwkundige aanpassingen
In het Papendrechtse project werd
Frederiks & Van der Nat gevraagd een reeds bestaande ruimte opnieuw in te
richten. Volgens de beide interieurarchitecten vormen dergelijke
opdrachten bepaald geen uitzondering. “We werken in de meeste gevallen met
al bestaande ruimtes”, zegt Van der Nat. “Dit wil overigens niet zeggen
dat we de zaken niet bouwkundig aanpakken. Bij elk project kijken we
zorgvuldig naar zaken als de routing en de functionaliteit van de ruimte.
Indien nodig doen we bouwkundige aanpassingen; ook dat maakt deel uit van
het vak van interieurarchitect.”
Volgens Frederiks en Van der Nat komt het
er op aan een ruimte ruimtelijk en functioneel te maken. Frederiks:
“Functionaliteit staat in ons werk altijd voorop. Vergelijk het met brood:
dat moet in de eerste plaats voedzaam zijn. Er is geen opdrachtgever die
vraagt om een ruimte, die niet functioneert.”
De waardering voor het werk van de beide
Delftenaren - naast interieurs ontwerpen Frederiks en Van der Nat ook
meubels en andere gebruiksvoorwerpen - wijst uit dat een dergelijke
functionele invalshoek de esthetiek van hun ontwerpen niet in de weg
staat. “Een ontwerp heeft altijd diverse parameters”, zegt Van der Nat
hierover. “Je hebt te maken met de wensen van de opdrachtgever, de
regelgeving én natuurlijk het budget. Het is de kunst binnen deze grenzen
een oplossing te vinden die functioneel én mooi is.”

Door een aantal slimme ontwerpkeuzes is het
kantoor van Kooyman Assurantiën veranderd in een multifunctionele
kantoorruimte, die niettemin een rustig beeld uitstraalt.
Systeemplafond
Het is volgens Frederiks en Van der Nat
niet altijd even makkelijk om te voldoen aan de wensen van de
opdrachtgever; in elk project moeten keuzes worden gemaakt, die het
eindresultaat in belangrijke mate beïnvloeden. Frederiks: “We proberen tot
een optimaal resultaat te komen door vooral de aandacht te vestigen op de
sterke punten in het interieur.” Van der Nat: “Omdat je altijd te maken
hebt met een budget, kun je niet overal evenveel geld aan uitgeven. Daarom
moet je de keus maken op welk onderdeel van het interieur je iets gaat
besparen en welk onderdeel extra aandacht krijgt. In het project voor
Kooyman Assurantiën hebben we bijvoorbeeld een gewoon systeemplafond
toegepast. Door op het plafond te besparen, hebben we in het vormgeven van
de ruimtelijkheid meer kunnen doen.” Frederiks: “En het valt nu niemand op
dat het een gewoon systeemplafond is.”
Voor het op deze manier ‘afleiden van de
aandacht’ is overigens wel enige kennis vereist. “Daarom houden wij
bijvoorbeeld op het gebied van materialen voortdurend de laatste
ontwikkelingen in de gaten”, zegt Van der Nat. “Je kunt alleen tot
innovatief materiaalgebruik komen wanneer je precies weet welke materialen
op de markt zijn en wat de prijzen en de eigenschappen van die materialen
zijn.”
Frederiks: “Vaak moet je je ook nog op de
hoogte stellen van het fabricageproces van een materiaal. Zo hebben we in
het project voor Kooyman Assurantiën gebruik gemaakt van het product
‘Flotex’ van vloerfabrikant Bonarfloors. We hebben het materiaal gebruikt
als bekledingsmateriaal voor de vloer, de wanden, het plafond en de balie.
De leverancier wilde aanvankelijk totaal niet meewerken, omdat het
materiaal hiervoor niet was bedoeld. Het is ons alleen gelukt dit
materiaal toegepast te krijgen, omdat we zelf op de hoogte waren van het
fabricageproces.” Van der Nat: “Normaal gesproken wordt het product alleen
geleverd met bedrukking. Pas na heel lang praten was de fabrikant bereid
het niet-bedrukte halffabrikaat te leveren.” Frederiks grimlacht: “Op
voorwaarde dat we zouden afzien van de garantiebepalingen.”
Samenwerken
De opmerkelijke interieurbekleding die in
het Papendrechtse project is toegepast, drukt een stempel op de sfeer van
de gehele onder handen genomen ruimte. “Ook in dit opzicht is er misschien
wel een onderscheid tussen het werk van een architect en een
interieurarchitect”, zegt Frederiks nadenkend. “Wij houden ons altijd
bezig met de sfeer en de ruimtelijkheid van het hele interieur. Bij
architecten gaat het vaak niet verder dan de inrichting van de
representatieve ruimtes – de entree, de directiekamer en de
vergaderzalen.”
Van der Nat vult aan: “In ons werk gaat
het niet om effectbejag. Wij proberen ruimtelijkheid en sfeer te creëren
voor onze opdrachtgever. We proberen die sfeer vervolgens in álle ruimtes
van een gebouw te bewerkstelligen; niet alleen in de 3 procent van de
ruimte die is bedoeld voor representatieve doeleinden.” Frederiks opnieuw:
“Daarom is het zo belangrijk dat de architect en de interieurarchitect
samenwerken; het liefst al in een zo vroeg mogelijk stadium van het
ontwerpproces.” Van der Nat: “De beste resultaten worden bereikt wanneer
iedereen zich op zijn eigen specialisme richt. Een goede
interieurarchitect kan de kwaliteit van een architecturaal ontwerp
versterken.”
Henk-Jan Hoekjen
Nadere
informatie? Vul code i045 (editie 4 - 2005) in via onze
responsservice
|