|
Virtueel
daglicht
De
tijd dat architecten hun bouwwerken op de tekentafel ontwierpen, ligt ver
achter ons. Tegenwoordig beschikt iedere zichzelf respecterende architect
over geavanceerde computerprogramma’s waarmee een project virtueel kan
worden bekeken, voordat er ook maar één steen op de andere staat. Ook
voor het creëren van een optimale verlichtingssituatie bestaan
tegenwoordig geavanceerde computerprogramma’s.
Licht
is van wezenlijk belang voor architectuur. In zekere zin is de
geschiedenis van de architectuur de geschiedenis van de wijze waarop het
licht de architecturale ruimte kan binnendringen en op deze wijze de
menselijke beleving van de ruimte sturen. Waar de lichtinval in de
Middeleeuwse kathedraal bepaald werd door glas- in-lood ramen, kiezen
moderne architecten liever voor direct daglicht. Het Lawrence Berkely
National Laboratory in Californië ontwikkelde het
verlichtingssimulatie-programma Radiance, dat architecten in staat stelt
de daglichtinval in hun ontwerpen virtueel te simuleren.
Hinder
Volgens TNO Bouw-medewerkster Juliet van Putten heeft de toepassing van
Radiance de nodige voordelen: “Het programma kan diensten bewijzen op
verschillende gebieden”, aldus Van Putten. “Zo is het toe te passen
voor het visualiseren van verlichtingsoplossingen en voor het bepalen van
daglichtfactoren in gebouwen. Verder is Radiance te gebruiken voor een
lichtsterkte-berekening met kunst- en daglicht, alsmede voor het
vaststellen van mogelijke lichthinder.”

Juliet
van Putten: "Het is uiteindelijk de gebruiker van het ontworpen
gebouw die het
meest
van deze tool profiteert."
TNO Bouw heeft onlangs de
gebruiksmogelijkheden van Radiance in de praktijk kunnen ervaren. Van
Putten: “We werken al enig tijd met Radiance. Zo hebben we het programma
gebruikt voor het berekenen van de daglichttoetreding in het project
‘Pakhuis Meesteren’ op de ‘Kop van Zuid’ in Rotterdam. Het gaat
hier om een renovatie van een 19e eeuws pakhuis, naar een ontwerp van de
Japanse architect Fumi Hoshino. Hij heeft een ontwerp gemaakt voor de
herindeling van het pand, met ruimte voor winkels, kantoren en 21
woningen.”
Lichtstraat
Het grootste probleem voor Hoshino bij het herindelen van het pand betrof
de daglichtinval. Van Putten: “Eén van de eisen was, dat de gevel van
het pakhuis intact moest blijven. Dit stelde de architect voor een
dilemma: hoe kon hij ervoor zorgen dat de kantoren en woningen toch over
voldoende daglicht zouden kunnen beschikken? Hoshino heeft dit
gerealiseerd door over de diagonaal van het pakhuis een lichtstraat te
maken. Deze lichtstraat heeft de vorm van een wig: op de begane grond is
de opening het smalst en op de hoogste verdieping is de opening het
breedst.” TNO Bouw is vervolgens gevraagd om te berekenen of de
aanpassing van de architect inderdaad voldoende daglichtinval tot gevolg
had. “Ten behoeve van deze daglichtstudie is van het voorgestelde
ontwerp een 3D-model gemaakt met behulp van de Autocad-files van het
gebouw. Dit 3D-model diende als input voor het
verlichtingssimulatie-programma Radiance. Met behulp van het
simulatieprogramma konden we concluderen dat de wigvomige lichtstraat
inderdaad het beoogde effect bereikte.”
Met behulp van het verlichtingssimulatieprograma Radiance kunnen
architecten de daglichtinval in hun ontwerpen virtueel simuleren.
Ook ten behoeve van de nieuwbouw van het stationscomplex in Arnhem is de
hulp van TNO Bouw ingeroepen, in dit geval door de dienst
Stadsontwikkeling van de gemeente Arnhem. “Radiance gaf ons inzicht in
de lichtverdeling in het interieur van de nieuw te ontwikkelen transferhal
van Arnhem Centraal. Hiervoor is een bezonningsstudie van het gebouw
gemaakt, om te kijken waar en op welke tijdstippen verblinding van direct
zonlicht te verwachten is in de hal. Tijdens de bezonningsstudie zijn
punten geanalyseerd, die op de looproutes van de transferhal liggen. Van
elk van deze punten zijn filmpjes gemaakt. Door de filmpjes vervolgens te
bekijken, is gemakkelijk te zien wanneer er voor de gebruikers van de hal
problemen met zon-instraling plaats zullen gaan vinden en op welke plekken
zonwering toegepast dient te worden.”
Bruikbare informatie
Volgens Juliet van Putten heeft Radiance veel te bieden: “Het programma
is gratis te downloaden van internet, dus het is in principe door iedereen
te gebruiken.” De TNO-medewerkster plaatst hierbij wel een kanttekening:
“Je moet de gegevens natuurlijk wel op de juiste wijze interpreteren.
Het kost enige tijd voordat op een verantwoorde manier met Radiance
gewerkt kan worden. Daarom is het verstandig om de hulp van TNO in te
roepen.” Dit levert de architect uiteindelijk veel voordelen op: “Het
programma geeft goede en bruikbare informatie aan architecten, zodat deze
al in een vroeg stadium van een ontwerp kunnen nadenken over de wijze
waarop het daglicht in een ontwerp gebracht kan worden. Het is
uiteindelijk de gebruiker van het gebouw die het meest van deze tool
profiteert.”
Henk-Jan Hoekjen
|