|
Tapijtsector drijvende kracht achter
gestandariseerd Europees systeem
Eind aan wildgroei vloersymbolen
Hoe te weten komen welke kwaliteiten een
zogenaamde zachte vloerbedekking heeft? Tot voor kort was dit geen simpele
klus. In Europa bestond een ware wildgroei in allerhande symbolen,
waardoor de consument en zelfs de handelaar door het bos de bomen nog
nauwelijks zag. Sedert april van dit jaar is daar evenwel verandering in
gekomen. Na jaren onderhandelen bestaat er eindelijk een eenduidig
gestandaardiseerd Europees systeem, dat de standaardsymbolen voor
gebruikseigenschappen en classificaties van bijna alle soorten
vloerbedekkingen bevat: FCSS of Floor Covering Standard Symbols.
Om duidelijk af te lijnen: het nieuwe systeem geldt voor de meeste soorten
vloerbedekkingen, maar is niet voor alle soorten vloeren van toepassing.
Natuursteen, parket en keramische vloeren werden niet opgenomen. Het
systeem is overigens heel nauw gelinkt aan de tapijtsector, dat de
drijvende kracht achter de nieuwe symbolen is. Vooral onder impuls van de
tapijtwereld werden de dikwijls al bestaande reglementeringen gebundeld en
waar nodig aangepast. Het is in de eerste plaats de consument die de
vruchten plukt van het nieuwe systeem. Omdat alle normen op één lijn
staan, kunnen de diverse soorten vloerbedekkingsmaterialen nu met elkaar
vergeleken worden en krijgt de klant op die manier veel meer duidelijkheid
bij zijn keuze van de beste vloer. Voor de verkoper zijn de nieuwe
symbolen bijna een godsgeschenk. Hij krijgt nu immers een
communicatiemiddel in handen, waardoor hij een helder en goed begrijpbaar
verkoopverhaal naar voren kan brengen.

Een kantoorpand of fabriek illustreert dat
het tapijt of laminaat geschikt is voor commercieel gebruik. Hoe groter
het aantal figuurtjes, hoe intenser dat specifieke soort vloerbedekking
kan worden gebruikt.
CEN-beschermd
Belangrijk bij dit alles is dat er bij het systeem een sluitende
beschermingsmaatregel werd ingebouwd. Alle symbolen worden immers
beschermd door het CEN, het Europese normalisatie-instituut. Dat heeft tot
gevolg dat symbolen alleen kunnen worden gebruikt als een product na de
nodige tests ook is goedgekeurd. Andere interessante informatie is dat het
niet om een star systeem gaat. Er werden integendeel ‘openingen’ gelaten,
die toelaten dat het flexibel aangepast kan worden en dat het continu kan
evolueren. Er wordt op korte termijn overigens ook werk gemaakt van een
Europees controlesysteem, waardoor de kwaliteit van de producten verder
moet verbeteren. Wat omvatten de symbolen zoal? Eerst en vooral moeten we
daarvoor kijken naar de diverse soorten pictogrammen. Zie je,
bijvoorbeeld, een huis, dan weet je dat je te maken hebt met tapijt of
laminaat voor huishoudelijk gebruik. Een fabriek illustreert dan weer dat
het tapijt of laminaat geschikt is voor commercieel gebruik. Op de
pictogrammen worden ook personen afgebeeld. Hoe groter het aantal
figuurtjes, hoe intenser dat specifieke soort vloerbedekking kan worden
gebruikt.
Brand
Er bestaat trouwens ook een grote hoeveelheid symbolen voor specifieke
eigenschappen. Heel belangrijk daarbij is aan te geven hoe de
vloerbedekking reageert bij brand. Voor tapijt alleen al zijn er daarom
maar liefst elf verschillende symbolen. Verder geven andere symbolen onder
meer de thermische geleiding, antislipwaarde en de reactie op
elektriciteit en water weer. Ter ondersteuning van zowel de fabrikant, de
verkopers als de consument werd een speciale website gecreëerd:
www.floorsymbols.com.
Hierop kan een speciaal lettertype gedownload worden, waardoor het
mogelijk wordt de symbolen ook als ‘font’ te gebruiken bij de commerciële
communicatie.
Jan Hoffman
Nadere
informatie? Vul code i101 (editie 4 - 2005) in via onze
responsservice
|